Via GitGit-waterval naar Candikuning met zijn fantastische Pura Ulun Danu Bratan.

read comments (0)
Als het eb werd viel het koraal droog en kon je er zelfs omheen lopen. Hieronder koraal op de voorgrond, onze villa op de achtergrond.

Een tochtje naar Munduk brengt ons langs een hoge waterval, te bereiken door steil oerwoud te bewandelen.
En Danau Buyan (op de achtergrond).

Lovina staat bekend om zijn dolfijnen. Om nog onbekende redenen is de kust voor Lovina aantrekkelijk voor dolfijnen. Met name vroeg in de ochtend kun je ze zien. Maar.. . het bleek een tourist-trap te zijn. Zeker dolfijnen gezien, maar heel veel meer toeristen. Jammer. Tip: als je dolfijnen wilt zien ga dan naar Zuid-Afrika (Tsitsikamma bv). De boottrip was wel erg fijn.
Maar wat is dat daar aan de horizon?
Aaargh, het zijn nog 50 andere boten volgepakt met toeristen. En iedere keer als er een dolfijn gespot werd gingen alle motoren op vol vermogen om misschien in de buurt te kunnen komen. Het was werkelijk een genante vertoning die wij vroegtijdig hebben afgebroken.

Wat een feest. We worden in de watten gelegd. Onze eigen villa voor een week met personeel: kok, schoonmaakster, tuinman, strandaanveger, bewaker, chauffeur en personeelsmanager. Allemaal staan ze voor ons en alleen voor ons klaar.

De iPad kon op momenten niet losgelaten worden. Hier zitten we in een hutje op het strand van Lovina bij zonsondergang te borrelen en Imme te iPadden.

Vandaag zijn we uit Amed vertrokken richting Lovina (of nauwkeuriger: Kalibukbuk). Hier hebben we Villa Lovina gehuurd voor een week. Het is enorm overweldigend.

Verondersteld wordt dat dit het heilige water van de Ganges is. Het is heerlijk, een hele middag plezier.
En een korte wandeling door de rijstvelden naast Tirta Gangga.

Het activiteiten-tempo neemt weer wat toe. We lijken ons aan te passen aan het klimaat. Truc: zo min mogelijk bewegen. Met andere woorden we worden geconfronteerd met ons eigen beweeglijke gedrag. Vandaag hebben we met de auto een rondje Oost-Bali gereden.
De oostkust is vrijwel uitgestorven, alleen veel plantages en 1.000 winkeltjes die allemaal dezelfde paar spulletjes verkopen.
Eerste stop: het waterpaleis (Water Palace) in Jugung. Ondanks een slechte recensie van de Lonely Planet is het hier prachtig.
Marcus heeft het ook naar zijn zin.
Tropenrooster: opstaan om 5 uur. Bij zonsopkomst schijnen de baracuda’s het beste te vangen. Dat is overigens niet gelukt.

Imme is klaar voor het echte werk. Nu alleen nog leren zwemmen. Het koraal ligt overigens recht voor de deur.

We zijn vanaf het vliegveld in het zuiden direct naar de noordoostkust gereden – Amed.
Helemaal warm onthaald in Apa Kabar Villas. We waren Marcus meteen kwijt. Kinderen meenemen is heel verstandig in Bali. Het zorgt voor namelijk voor makkelijk sociaal contact met de locale bevolking: hoe jonger het kind hoe dichter het bij god staat.
In Amed zijn we de komende vijf dagen, af en toe een andere gast gezien. Er zijn overigens maar vijf villa’tjes. Pal aan het strand: ‘s nachts klinkt het alsof een flinke Scheveningse wind waait, maar het zijn de golven die bijna je bed inkomen. Luxe, luxe, luxe, heerlijk. Het zwembad zorgt voor de broodnodige afkoeling, want deze eerste dagen hebben we het moeilijk met de hitte i.c.m. de hoge vochtigheidsgraad.
Het strand bestaat uit vulkanische keien, niet om op te liggen, maar daar is het toch te warm voor.

Een poging tot 360 graden panaroma aan het zwembad.
En een fotootje van onze hut.

Hanke en Marcus vanaf de “dark side” met Central op de achtergrond.
Pfff, warm!
Imme in haar “eerste” enorm grote bed, meer volgen deze vakantie.